Tentoonstelling: ‘Slachtoffers van het beeld. Over het creëren, hernemen en bekritiseren van clichés’

pdf van de tentoonstelling

 

exposition_victimes_collage_NLSlachtoffers van oorlogen, van natuurrampen, van epidemieën… Burgerslachtoffers dringen de laatste vijftig jaar ons dagelijks leven binnen. We zien hen in de kranten, op televisie, op affiches in de straat, in de metro. De beelden zijn in zekere zin banaal geworden, en hebben daarom niet altijd het gewenste effect...

Deze beelden zijn bedoeld om ons meteen aan te grijpen en een reactie uit te lokken, luttele seconden nadat ons oog erop valt. Ze mobiliseren codes en stereotiepen uit ons cultureel geheugen om een voorstelling te maken van radicaal geweld, terreur, verschrikking, Kwaad.

Maar geven de beelden die vandaag ons visueel veld overwoekeren, werkelijk een juiste voorstelling van de slachtoffers? Is het niet eerder zo dat achter een eenvoudig cliché aangedikt met een slogan, net als in elke reclamecampagne, een andere realiteit schuilgaat? Kunnen journalistieke, publicitaire en/of humanitaire procedés wel een verklaring bieden voor de extreem gewelddadige situaties en gebeurtenissen waaraan zij refereren?

Deze tentoonstelling wil de bezoeker aanzetten tot reflectie over de kracht en de betekenis van de slachtofferbeelden vandaag de dag. Over wat ze ons doen begrijpen of wat ze ons doen zien zonder dat we het begrijpen, en ook over wat ze verbergen en wat hen ontgaat.

 

 

Het creëren van clichés

 

Burgerslachtoffers van collectief geweld, of dat nu te wijten is aan een natuurramp, een epidemie of een oorlog, worden vandaag de dag vrijwel steevast opgevoerd als slachtoffers die gered en herinnerd moeten worden.

Het lijkt voor iedereen vanzelfsprekend dat we hen zo snel mogelijk ter hulp schieten, en dat mensen die onrecht hebben geleden niet vergeten mogen worden. Men komt op voor morele waarden, roept op tot hulpacties. Men houdt de herinnering telkens levendig in de hoop dat zoiets NOOIT MEER zou gebeuren. Men levert bovendien kritiek op de media die onze televisieschermen overspoelen met schrijnende beelden.

Maar beseft men wel dat de voorstelling van de slachtoffers even belangrijk is als de slachtoffers zelf?

Deze voorstelling gebeurt conform bepaalde codes, waarbij gebruik wordt gemaakt van referenties die meestal niets te maken hebben met het slachtoffer in kwestie.

We vragen ons af welke precies de beelden zijn die op ons netvlies zijn gebrand.

 

Panelen:

  1. De kampen
  2. De toegangspoort van Auschwitz
  3. Uitgemergelde lichamen
  4. De onschuld van het kind
  5. Religieuze iconografie
  6. Onzichtbaarheid

 

 

Het hernemen van clichés

 

Vanaf de jaren 70 wordt het beeld van het burgerslachtoffer steeds vaker opgevoerd. De voorstelling ent zich op dat moment op de beeldcultuur van de concentratiekampen. Een breekpunt vormt de oorlog van Biafra (1968-1971), toen een ware communicatiecampagne de televisieschermen overspoelde met Afrikaanse kinderen met gezwollen hongerbuikjes. Op datzelfde moment keerde de publieke opinie zich tegen de imperialistische machten vanwege het politiek protest tegen de Vietnamoorlog, dat werd geschraagd door reportages van journalisten.

In enkele jaren tijd echter veranderde het uitgesproken politieke discours van de journalisten in een humanitair engagement. De lichamen van de gedeporteerden die we bekeken en herbekeken werden zo standaardmodellen van de herinnering maar ook van de humanitaire actie.

Ze ondergingen daarom opmerkelijke veranderingen en samen met andere modelbeelden, gebaseerd op de ongelukkige kindertijd, schetsen zij het immense landschap van het wereldwijde lijden.

‘Zonder beeld geen verontwaardiging: het ongeluk treft enkel de ongelukkigen. Dat maakt het net erg moeilijk om hen een helpende hand te reiken, een hand van broederlijkheid. De grootste vijand van de dictatuur en de onderontwikkeling blijft de fotografie, en het schokeffect dat zij teweegbrengt. Laten we de fotografie dan ook erkennen zonder erin te berusten: dit zijn nu eenmaal de wetten van het mediacircus. Laten we de fotografie gebruiken.’ (Bernard Kouchner)

Laten we de fotografie gebruiken – zegt Bernard Kouchner. Moeten we het beeld werkelijk gebruiken? Is dat niet precies wat propaganda doet? Gaat het hier niet om een nieuwe vorm van propaganda?

 

Panelen:

  1. Humanitaire acties
  2. Vrouwen
  3. Gemeenplaatsen
  4. Reclame
  5. Humanitair of publicitair?
  6. Pers
  7. Onzichtbaarheid

 

 

Het bekritiseren van clichés

 

In de jaren 90 beginnen humanitaire organisaties, fotografen en journalisten kritiek te uiten op de spectaculaire enscenering van het ‘slachtoffer in gevaar’. Ze beginnen zich af te vragen of we zonder beelden kunnen, en of het publiek wel kan ‘lezen’. Deze vraagstelling geeft in sommige gevallen aanleiding tot nieuwe gedragscodes en een nieuwe aanpak.

 

Panelen:

  1. Fotografen
  2. Kunstenaars
  3. Humanitaire organisaties

 

 

Conclusie

 

Waarom raken bepaalde beelden ons?

Omdat we er een vorm van lijden in herkennen waaraan onze opvoeding, in de brede zin van het woord, en onze cultuur – onze culturele opvoeding – al een betekenis gaven nog voor we met specifieke beelden werden geconfronteerd. Omdat we niet onverschillig staan tegenover de slachtoffers die men in beeld brengt (hoe zou dat ook kunnen, zeker wanneer het gaat om vrouwen en kinderen: kwetsbare wezens).

Uiteraard is de emotie niet negatief op zich. Emotie is fundamenteel om evenwichtige relaties op te bouwen met onze naasten, om te functioneren binnen de maatschappij en als mens. Emoties zetten ons aan tot nadenken en brengen ons dichter bij datgene waarover we nadenken. Emoties zijn echter problematisch wanneer ze een doel op zich worden: de toeschouwers doen verdrinken in hun tranen, en daardoor het oordeel vertroebelen. Ze zijn ook problematisch wanneer ze worden aangewend om mensen om mensen te manipuleren (zoals propaganda dat doet).

 

pdf van de tentoonstelling

 

 

pdf van de catalogus van de tentoonstelling

 

onlinebestelling van de catalogus

slachtoffers


Opdrachtgever: De Stichting Auschwitz, Mémoire des signes en de Federatie Wallonië-Brussel

Curator: Gwenaëlle Aznar

Supervisie: Philippe Mesnard (directeur van de vzw Auschwitz in Gedachtenis)

Grafische vormgeving: Yann Collin

Deze tentoonstelling is een adaptatie en een synthese met pedagogisch doel van de originele tentoonstelling ‘Prisonniers de l’image’ (curator: Philippe Mesnard) voorgesteld aan het Centre d’histoire de la résistance et de la déportation (CHRD) te Lyon tussen oktober 2005 en januari 2006.

 

Uitleenvoorwaarden (pdf)

Technische fiche van de tentoonstelling (pdf)

Reservatie: Georges Boschloos

 

 

Voor toelichting graag contactname met Georges Boschloos:

Tel: +32 (0)2 512 79 98 – Fax: +32 (0)2 512 58 84 – Contact per e-mail

Additional information